01 Okt Spijsvertering van het konijn

DigestionHet konijn is een herbivoor of planteneter. Doordat het konijn klein is in omvang, heeft het een hoge stofwisseling, waardoor het niet kan overleven op een dieet met een lage energiedichtheid. Bijgevolg is een konijn een zeer goede prooi is. Daarom dienen konijnen zeer wendbaar en atletisch te zijn om zo roofdieren te snel af te zijn. Omwille van deze redenen, heeft het konijn een totaal verschillend spijsverteringskanaal ontwikkeld dan andere planteneters zoals het paard (dat het voedsel in de dikke darm verteert) en andere knaagdieren (die het voedsel in de maag verteren).

Het konijn heeft een spijsverteringsstelsel dat:

  1. een hoge voedselinname toelaat,
  2. makkelijk verteerbare voedingsbestanddelen scheidt uit het voedsel
  3. zeer snel de niet of moeilijk verteerbare bestanddelen uitscheidt

Het feit dat dit systeem is ontworpen om niet-verteerbare producten zoals vezels snel uit te kunnen scheiden contrasteert ironisch genoeg met het feit dat het dieet van een konijn is opgebouwd rond producten die juist veel vezels bevatten. Het ontbreken van vezels aan het dieet van het konijn is de voornaamste oorzaak van verstoring van het spijsverteringsstelsel.

Een groot deel van de vertering vindt plaats in het laatste stuk van het maagdarmkanaal, namelijk de dikke darm en de blinde darm. Omdat de voedingsstoffen pas in dit laatste deel van de darmen vrijkomen, worden ze niet opgenomen in het lichaam. Het konijn scheidt ze uit in de vorm van speciale keutels, de “caecotroof” of nachtkeutel. Vervolgens eet het konijn deze caecotrofen direct uit de anus weer op, waardoor een tweede vertering kan plaatsvinden. Hierbij worden veel vetzuren, eiwitten, vitamines en water alsnog opgenomen. De voedingsstoffen die op deze manier worden opgenomen vanuit de caecotrofen heeft het konijn ook echt nodig. Door de samenstelling zijn de caecotrofen voor een konijn normaliter erg smakelijk. De samenstelling is afhankelijk van wat het konijn eet en dus van de samenstelling van het voer. U moet dan ook goed opletten dat het konijn zijn caecotrofen goed opeet.

De naam “nachtkeutels” is een beetje misleidend: het konijn produceert ze weliswaar vooral in de nacht, maar ook overdag. Caecotrofen zien er anders uit dan de normale keutels: ze zijn donkerder, kleiner en vochtiger, ze zijn bedekt door een slijmlaag en ruiken sterker. De keutels die overdag geproduceerd worden, zijn droog en hard.

De spijsvertering van een konijn is bijzonder, maar helaas is dit ook zijn zwakke punt. Kleine afwijkingen in de spijsvertering kunnen snel grote gevolgen hebben. Diarree en niet eten zijn veel sneller gevaarlijk voor een konijn dan bijvoorbeeld voor een hond.